B&W Ridderkerk vindt behoud boomgaard Rijsoord niet realistisch
In dit artikel:
Het college van B&W in Ridderkerk stelt in zijn zienswijze op het nieuwe omgevingsbeleid van provincie Zuid‑Holland dat het bewaren van de boomgaard in Rijsoord als groene buffer in dit stedelijke gebied niet realistisch is. De provinciale regels staan nu woningbouw op die plek nog niet toe, maar de gemeenteraad heeft dit jaar een visie vastgesteld waarin bouwen op de locatie wenselijk wordt geacht — een standpunt waartegen bezwaren lopen.
De boomgaard ligt ingeklemd tussen bedrijventerreinen en een woonlint en is deels door de provincie aangemerkt als stationszone. Dat maakt de plek volgens het college logisch voor verstedelijking gezien de aanwezige OV‑infrastructuur, mits nieuwe ontwikkeling landschappelijke waarden, waterberging, koeltegebieden en biodiversiteit versterkt. Het college wijst ook op praktische bezwaren tegen voortgezet gebruik als boomgaard: recente jurisprudentie rond spuitzones bemoeilijkt de exploitatie, terwijl tegenstanders eerder juist hebben aangevoerd dat veelvuldig uitrijden van mest de groei van de notenbomen belemmert — een punt dat ook door lokale fracties als GroenLinks en Burger op 1 is genoemd.
Historisch gezien werd de oude boomgaard zo’n twintig jaar geleden gekapt door eigenaar Van den Heuvel, waarna rechtbankprocedures leidden tot herplantplicht; de grond is inmiddels verkocht en de nieuwe eigenaar ziet meer rendement in woningbouw dan in de aangeplante notenbomen. Het college verzoekt de provincie de locatie op te nemen op de zogenoemde 3‑hectarekaart met grote buitenstedelijke ontwikkellocaties, of op zijn minst in gesprek te gaan met een positieve grondhouding om ontwikkeling te faciliteren.
Algemene context: dit dossier illustreert de spanning tussen ruimte voor natuurbuffer en de druk om te verdichten rond OV‑knooppunten en bedrijventerreinen, gecombineerd met juridische en agrarische belemmeringen voor behoud van kleinschalig landgebruik.